Artikel in het EBP Jaarboek Overheidsopdrachten

 

Knipseljaarboek 2013-14

 

Bestel het jaarboek: bestelbon-jaarboek EBP 2014

LEES HET VOLLEDIGE ARTIKEL: EBP 2014 – De plaatsing van een raamovereenkomst in de praktijk – heilige graal of lege doos?

 

De raamovereenkomst (in combinatie met de opdrachtencentrale) lijkt te worden onthaald als de heilige graal van het overheidsopdrachtenrecht. Na de sluiting van de raamovereenkomst door de opdrachtencentrale met één of meer opdrachtnemers (deelnemers), kunnen de deelnemende besturen (klanten) vrij afnemen zonder zelf nog een gunningsprocedure te moeten voeren. En dat klinkt als muziek in de oren.

De raamovereenkomst en de opdrachtencentrale worden gekenmerkt door een flexibel wettelijk kader. Het is mogelijk om de raamovereenkomst (in combinatie met de opdrachtencentrale) aan te wenden voor elk soort opdracht en te gunnen middels aanbesteding, offerteaanvraag of onderhandelingsprocedure, zonder veel bijkomende voorwaarden. De raamovereenkomst kan worden gesloten met één of meerdere deelnemers. Dit flexibel wettelijk kader wordt in de nieuwe Europese overheidsopdrachtenrichtlijn grotendeels bevestigd.
Een studie van de praktijk – en met name van 2 grote raamovereenkomsten gegund door de Vlaamse overheid – leert dat de raamovereenkomst behalve voor recurrente en eenvoudige opdrachten waar ze voor bedoeld lijkt, ook wordt aangewend om zeer grote projecten op de markt te plaatsen met een uitgebreide afnamemogelijkheid, op basis van een ruime omschrijving van de potentieel deelnemende aanbestedende overheden. Op deze manier ontstaan raamovereenkomsten waarbinnen nagenoeg elk bestuur binnen Vlaanderen kan afnemen.

Bij dit gebruik van de raamovereenkomst in de praktijk kunnen toch enkele
kritische vragen worden gesteld in het licht van de anti-misbruik bepaling
voorzien in de overheidsopdrachtenwet. Een zorgvuldige omschrijving van het voorwerp en de omvang van de raamovereenkomst en de waarde van het opdrachtbedrag, alsook een precieze aanduiding van de potentieel deelnemende aanbestedende overheden, is noodzakelijk, maar blijkt niet altijd even eenvoudig. Andere aandachtspunten zijn de regeling van de verhoudingen tussen de opdrachtencentrale en de deelnemende aanbestedende overheden en een zorgvuldige keuze van de selectie- en gunningscriteria.

De raamovereenkomst is een zeer nuttig instrument, maar de waarde ervan
mag ook niet worden overroepen. De raamovereenkomst is en blijft vooral geschikt voor eenvoudige en generieke opdrachten. Deze figuur is in die zin zeker geen lege doos maar het is ook niet de heilige graal van het overheidsopdrachtenrecht.